Maatregelen organisatie bij brand- en explosiegevaar (brandgevaarlijk werk)

Risico: Brand- en explosiegevaar (brandgevaarlijk werk) 

Beschrijving: Brandgevaarlijk werk is werk waarbij vuur, hoge temperaturen of vonkvorming kunnen optreden, zoals bij lassen (autogeen en elektrisch), slijpen, snijden (incl. plasmasnijden), gutsen, verfbranden of dakdekken met behulp van warmtebronnen. Bij deze werkzaamheden is er gevaar voor brand of explosies.

Maatregelen organisatie bij brand- en explosiegevaar (brandgevaarlijk werk)

  • Voer een taakrisicoanalyse (TRA) uit. 
  • Bij brandgevaarlijk werk zijn vier categorieën te onderscheiden:

Categorie 1 is van toepassing als: 

  • Zich binnen het vastgestelde gevaarlijk gebied geen brandbare materialen bevinden (geen hout, afvalstoffen, olieresten) of kunnen vrijkomen, en:
  • Zich binnen het vastgestelde gevaarlijk geen installatie(delen) bevinden die brandbaar zijn (waaronder ook kunststof, rubber e.d.). Denk ook aan materialen achter wanden met een hoge warmtegeleidingcoëfficiënt.

Wanneer aan deze voorwaarden is voldaan, volstaat het als bij de werkzaamheden continu een brandblusser binnen handbereik is.

Categorie 2 is van toepassing als: 

  • Zich binnen het vastgestelde gevaarlijk gebied brandbare materialen bevinden die normaal gesproken niet kunnen worden verwijderd (zichtbare afdichtingsrubbers in de installatie, houten steigers, kunststof leidingen en appendages e.d.).

De vergunningverlener: 

  • Zorgt ervoor dat brandbare materialen afgevoerd zijn.
  • Zorgt voor het goed afschermen van kieren, doorgangen, wandopeningen etc..
  • Controleert na afloop van het werk (ca. ½ tot 1 uur later) of er geen sporen van beginnende brand waarneembaar zijn.
  • Zorgt voor toezicht (areawacht).

De uitvoerder:

  • Moet continu een brandblusapparaat binnen handbereik hebben.
  • Moet getraind zijn in het gebruik van kleine blusmiddelen.

Categorie 3 is van toepassing als:

  • Zich binnen het vastgestelde gevaarlijk gebied brandbare materialen bevinden die normaal gesproken niet kunnen worden verwijderd (zichtbare afdichtingsrubbers in de installatie, houten steigers, kunststof leidingen appendages e.d.),
  • De vluchtmogelijkheden beperkt zijn en er werkzaamheden plaatsvinden aan 
    installatie(delen) die, ondanks dat deze conform procedure gespoeld/gereinigd zijn, mogelijk nog brandbare stoffen bevatten.

De vergunningverlener: 

  • Zorgt ervoor dat, aanvullend op de maatregelen zoals vermeld onder categorie 2, een brandwacht wordt ingezet.

Categorie 4 is van toepassing als:

  • Er sprake is van dakwerkzaamheden met brandbare materialen.

De vergunningverlener:

  • Zorgt voor twee 12kg poederblussers en minimaal één blusdeken.
  • Zorgt ervoor dat brandbare materialen afgevoerd zijn.

De uitvoerder:

  • Zorgt ervoor dat de bitumenketel met thermostaat in opvangbak met isolatie tussen de bak en het dak staat.
  • Zorgt ervoor dat er niet meer dan een dagvoorraad gasflessen op het dak staat.
  • Controleert of er zich inderdaad geen brandbare materialen bevinden.
  • Zorgt dat de repressieve maatregelen steeds beschikbaar zijn.
  • Moet getraind zijn in het gebruik van kleine blusmiddelen.
Maatregel voor: 
Werkgever
Maatregel status: 
Goedgekeurd door Inspectie SZWGoedgekeurd door Inspectie SZW
Tips: 
Datum: 
8 september 2010
Revisie informatie: 
1e revisie 3 februari 2015
randomness